Sprint-UP in de regio Noord-Holland/FlevolandUniversiteit van Amsterdam, Vrije Universiteit, INHolland, Hogeschool van Amsterdam (gestart in 2007)Het Amsterdamse plan sluit aan bij reeds bestaande activiteiten waarin vo en ho samenwerken, namelijk de regionale steunpunten voor de ontwikkeling van onderwijsmodulen voor informatica, wiskunde D en NLT, en de zogenaamde ITS-labs (ITS = Informatica, Technologie en Science), een soort leer/werkplaatsen in het ho voor havo- en vwo-scholieren.
De aanvulling hierop in het Sprint-UP projectplan heeft vooral betrekking op de inzet van ho-docenten bij het samen met vo-docenten geven van de nieuwe onderwijsmodulen in het vo. In de loop van vier jaar worden daarvoor 50 fte aan ho-docenten ingezet. De docenten worden geselecteerd op grond van specifieke vakkennis en affiniteit, en ontvangen gelijktijdig scholing van de universitaire lerarenopleiding. Ook onderdeel van het projectplan is dat de vo-scholen worden geclusterd in groepen van tenminste vier. De vo-leerlingen ontvangen het onderwijs deels via e-learning om reistijd en kosten te beperken.
In dezelfde periode van vier jaar worden bovendien voor 25 fte aan vo-docenten ingezet in het ho. Het gaat om een dakpanconstructie van steeds nieuwe docenten, die gedurende twee jaar worden ingezet: in het eerste jaar voor 0,1 fte, in het tweede jaar voor 0,2 fte. Zij werken mee aan de eerder genoemde ontwikkeling van onderwijsmodulen voor informatica, wiskunde D en NLT, en daarnaast ook aan aanpassing van deze modulen tot afstandsonderwijs via een digitale leeromgeving, ondersteuning bij het onderwijs in de ITS-labs, begeleiding van studenten en deskundigheidsbevordering van ho-docenten (onder andere over het eindniveau van havo- en vwo-scholieren).
In de achterliggende projectperiode heeft het mobiliteitsproject een enthousiaste start gekend en er is veel geleerd van de eerste ervaringen. In het schooljaar 2008 – 2009 zijn nieuwe uitwisselcontracten afgesloten met de 10 scholen die een jaar eerder participeerden. Daarnaast zijn 10 nieuwe scholen bij het mobiliteitsproject aangehaakt. In totaal hebben maar liefst 20 scholen een contract getekend om in het mobiliteitsproject te participeren. Dit heeft vooral te maken met de kwaliteitsimpuls die schoolleiders (en docenten!) van de samenwerking verwachten. De toenemende tekorten aan gekwalificeerde docenten maken scholen in hoge mate kwetsbaar en versterken de samenwerkingsbehoefte. Die samenwerking biedt immers mogelijkheden om met minder docenten toch hoogwaardig onderwijs te blijven geven. Bovendien blijkt het enthousiasmerend te werken voor de zittende docenten en ook de detacheringmogelijkheden in het hoger onderwijs dragen bij aan de aantrekkelijkheid van het leraarschap.
Belangrijk winstpunt is dat betrokken ho-docenten aansluiting vo-ho op hun netvlies hebben gekregen. Het is een onderwerp tussen vo en ho, waardoor bij nieuwe studenten niet gefocust wordt op deficiënties, maar op de inhoud van het profiel dat zij hebben gevolgd. Docenten hebben een beter beeld gekregen van de eerstejaarsstudent die zij binnen krijgen. Het succes van succes van Sprint-UP wordt ook gezien tussen de vo-scholen. Men heeft elkaar gevonden, en weet elkaar te vinden. Er is een hecht kennisuitwisselingsnetwerk ontstaan.
Highlights![]() Hoe gebruikt u het BètaMentality-model? Doe mee met de evaluatie. ![]() Call for Proposals TalentenKracht onderzoek 2011-2016 in het kader van het Masterplan PO ![]() Forse stijging instroom bètatechnische opleidingen. Vooral meisjes kiezen meer voor bèta en techniek AgendaNieuws |